The Morning Benders

8.2 op Pitchfork. De kenners weten voldoende. Voor al de anderen onder ons: het tweede album ‘The Big Echo’ (2010) van The Morning Benders is op de juiste plekken schitterend ontvangen. Het indierocktrio uit Berkeley (Californië) kan wel meer mooie referenties voorleggen. Na hun debuutalbum ‘Looking Through Tin Cans’ (2008) waren de vergelijkingen met The Shins niet van de lucht. Die zullen daar ook blijven. De stem van zanger Christopher Chu lijkt nu eenmaal hard op die van James Mercer van vermelde groep. Ondertussen is ook Grizzly Bear een aanknopingspunt geworden. Dat is al evenmin vreemd. Chris Taylor van vermelde groep tekende immers met Chu voor de productie ‘The Big Echo’. Wat levert dat op voor de mensheid? Parelende en gesofisticeerde kamerpop die zich het allerbest laat consumeren onder de hoofdtelefoon. The Morning Benders zitten aan de juiste kant van het experiment en groeien terwijl je erop staat te kijken. Om Pitchfork te citeren: “De meeste groepen spenderen hun hele loopbaan aan het zoeken naar dat ene ding waar ze goed in zijn. The Morning Benders hebben er na twee albums al een handvol gevonden.”