Vintage herrie van een gitarist en een drummer. Natuurlijk worden The Black Keys voortdurend met The White Stripes vergeleken. Dan Auerbach en Patrick Carney ontwikkelen zich binnen de grote beperkingen van hun instrumentarium echter tot een onafhankelijk bastion. Hun handelsmerk is avontuur. Het onderstel is rudimentaire rock die houdt van de zwarte blues van Howlin’ Wolf en John Lee Hooker. En die ze aanvankelijk met heel primitief materiaal opnemen in lege fabriekspanden in hun geboorteplek Akron. Devo en Chrissie Hynde (The Pretenders) komen er ook vandaan. Het verhaal wordt interessanter als producer Danger Mouse (Gnarls Barkley, Gorillaz) het duo vraagt om nummers te schrijven voor Ike Turner. De rockpionier overlijdt onverwachts tijdens de voorbereidingen. Groep en producer gaan verder met het materiaal en maken ‘Attack & Release’ (2008). Na vier albums zien The Black Keys voor het eerst een opnamestudio aan de binnenkant. Het wordt nog mooier als platenbaas en fan Damon Dash hen uitdaagt om een album te maken met het kruim van de Amerikaanse hiphop (Mos Def, Q-Tip, RZA …). ‘Blakroc’ (2009) is withete en overdonderende raprock. Uit het project plukken ze de avontuurlijke producer Tchad Blake met wie ze onderduiken in de moerassige gebieden van Alabama. ‘Brothers’ (2010) is al bij voorbaat goed.